Het nut van de tuinkabouter

23 apr
23 april 2012

 

Ik kreeg onze tuinkabouter van een stel vrienden op onze trouwdag nadat ze een lied hadden gezongen waarvan ik de inhoud beter niet kan herhalen. Op dat moment dacht ik: ‘wat moet ik nou met een tuinkabouter?’ Maar daar denk ik inmiddels heel anders over.

De jaren dat we in Oman en Nigeria woonden, gaf mijn tuinkabouter mij een vertrouwd Nederlands gevoel.

In de tijd dat we in Rotterdam woonden, hadden sommige vrienden al kinderen maar wij nog geen speelgoed. Met mijn tuinkabouter vermaakten die dreumesen zich uitstekend! In Groningen heeft hij alle hoeken van onze tuin gezien en sinds ik ‘filosofeer met kinderen’ zit hij in een lesdoos.

Tijdens de lessen waarin ik deze doos nodig heb, zorgt hij voor de nodige hilariteit. Zoals in een les waarin ik met een groep filosofeerde over wat echt is en er een dode orenkruiper uit mijn tuinkabouter viel. Was dat even een interessant ding om over te praten! Ben je nog echt als je dood bent?

Ik was dan ook behoorlijk beledigd dat mijn tuinkabouter tijdens een les over nuttigheid werd ingedeeld in de categorie ‘onzinding’. Mijn tuinkabouter! Die 17 jaar lang zijn nut heeft bewezen! Betiteld als onzinding! Tandenknarsend volgde ik het gesprek.

Schoenendeo was handig, een ik-heb-mijn-zwemdiplomalabel om op je zwembroek te naaien was handig, een ontnieter en zelfs een kapotte zonnebril. Maar mijn tuinkabouter belandde samen met de flessenlikker in de categorie ‘onzinding’.

Gelukkig was er ook gerechtigheid. Na het indelen van acht producten mochten de kinderen ook dingen verplaatsen, mits er een goed argument bij gegeven werd. Sofia vond dat mijn tuinkabouter verplaatst moest worden naar de categorie ‘maakt mijn leven leuker’. Hoera, mijn tuinkabouter in ere hersteld!

Ook de flessenlikker werd verplaatst want ‘het is goed om het laatste restje appelmoes uit een pot te schrapen, er wordt al veertig kilo eten per persoon per jaar weggegooid,’ aldus Rosa.

Zo werden er nog wat producten heringedeeld en kwamen de kinderen langzaam tot de conclusie dat alles zijn nut heeft. Een stelling die Ieke tijdens de huiswerkopdracht al had bedacht. Als je ergens lol om kunt hebben, heeft het ook nut gehad, vindt zij. En Rosa vond ook dat ‘niets nutteloos is’, zelf het woordje ’niets’ niet. Al is dat geen ding.

Aan het eind van de les vroeg ik de kinderen of ze iets ontdekt hadden deze les. Dat hadden ze, twee dingen:

- Als ik iets nutteloos vind, is het voor een ander soms wel heel handig.

- Het is niet goed als we teveel handige dingen uitvinden want dan worden we lui en komen we nooit meer buiten en dat is heel ongezond.

Toch een nuttig gesprek geweest.

(Deze post verscheen oorspronkelijk op 17 december 2011 op mijn oude blog)

0 replies

Leave a Reply

Want to join the discussion?
Feel free to contribute!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

UA-38867724-1