Mini-cursus Filosoferen met kinderen

Met deze minicursus leer je snel de basisbeginselen van filosoferen met kinderen.

Menu

Waarom zou je gaan filosoferen?

mini-cursus filsoferen met kinderenDoor te filosoferen leren kinderen denken, om zonder kennis zelf tot inzichten te komen gewoon door te redeneren. Maar ze leren meer. Zo groeit bij de kinderen hun woordenschat en mondelinge taalvaardigheid, ze leren beter naar elkaar luisteren, vragen aan elkaar stellen, onder woorden brengen wat ze denken, hun eigen ideeën uiten en hun mening te formuleren. Maar de leukste reden is dat je kinderen op een heel andere manier leert kennen, je leert niet zozeer wat ze denken maar hoe ze denken.

Bovenal kan het filosoferen een heerlijk vrij gevoel geven. Er bestaan namelijk geen foute antwoorden en je hebt er geen kennis voor nodig, alleen je hoofd. Iedereen heeft een hoofd. Of je nou dyslexie, dyscalculie of iets anders hebt.

Verschil met gewoon kringgesprek

Een filosofisch gesprek is anders dan een kringgesprek. Veel mensen noemen een goed gesprek met het grootste gemak een filosofisch gesprek. Maar een filosofisch gesprek is weliswaar een goed gesprek maar andersom is dat niet perse het geval.

Kenmerkend

Wat is nu zo kenmerkend aan een filosofisch gesprek? Ten eerste ontstaat het gesprek vanuit een filosofische vraag. Een vraag die je alleen door vrij na te denken kunt beantwoorden.

Fantasie
Maar vrij nadenken is niet hetzelfde als lekker fantaseren. Het is geen kwestie van een gekke vraag stellen en meedeinen met de fantasieantwoorden die kinderen dan geven. Je gaat dus niet nadenken hoe marsmannetjes eruit kunnen zien maar hoe we zeker kunnen weten of ze al dan niet bestaan.

Mening
Meningen worden tijdens het filosoferen gebruikt als startpunt van het denken en zijn niet het doel. Het gaat om dat wat er onderligt. Kloppen de argumenten, spreken ze niet tegen, zijn ze logisch, zijn ze gebaseerd op waarheden of op vooronderstellingen, etc.

Emoties
In een gewoon kringgesprek is de expressie van emoties en gevoelens vaak belangrijk. Bij het filosoferen zoek je naar overeenkomsten hiertussen en de regels of inzichten die je daaruit kunt halen. Wat voor universele uitspraken kun je doen naar aanleiding van dat individuele gevoel?

De leerkracht uit zijn rol

Bij het leiden van een filosofisch gesprek ben je geen leerkracht. Je zet een andere pet op. Het is dan ook belangrijk om niet te laten blijken wat je van het thema vindt. Kinderen zijn zo gewend dat de leerkracht het antwoord weet dat ze onmiddellijk denken dat jouw antwoord hét antwoord is. Ze zullen stoppen met zelf nadenken.

Neem bijvoorbeeld de vraag: kun je op school vrij zijn?

Het spreekt voor zich dat elk kind daar zijn eigen ideeën bij heeft. Toch willen volwassenen graag dat kinderen denken dat het op school leuk is. Maar bij dit soort vragen zijn de inzichten waar de kinderen zelf op komen voor henzelf veel waardevoller dan als de leerkracht het ze heeft ingefluisterd.

De belangrijkste regel is dus: stel alleen vragen, geef zelf geen antwoorden.

Verder van belang is:

  • Durf je eigen nieuwsgierigheid en onwetendheid te laten zien
  • Leid het gesprek als het gaat om orde, respect voor elkaar en spreekbeurten
  • Verplicht kinderen niet tot hardop meedoen, stimuleer wel
  • Vertrouw de kinderen in hun eigen wijsheid

Visualiseer deze andere rol

Om duidelijk te maken dat je bij het filosoferen geen leerkracht bent en op dat moment “niets” weet kun jebij het filosofisch gesprek iets speciaals doen. Een speciale denkhoed opzetten, een vragenmantel omslaan, een kaars aansteken, een groot vraagteken in het midden van de kring leggen. Iets wat elk filosofisch gesprek terugkomt.

Doorvragen

Doordenken over een onderwerpFilosoferen is veel meer dan het inventariseren van verschillende antwoorden. Bij de eerste antwoorden begint het pas. De kinderen moeten gestimuleerd worden om nog verder te denken. Dat doe je door te vragen naar beweegredenen, onderliggende denkpaden, vooronderstellingen, aannames en andere gedachten.

  • Is dat zo?
  • Hoe weet je dat zo zeker?
  • Zou het ook anders kunnen zitten?
  • Is dat altijd zo?
  • Hoezo dan?
  • Hoe kan dat nou?
  • Kun je een voorbeeld geven?
  • Stel nou dat het anders zit…
  • Is iedereen het daarmee eens?
  • Bestaat daar een regel voor?
  • Geldt dat voor alles?

Vind je het lastig om door te vragen? Download dan de doorvraagkaartjes. Deze kun je printen, uitknippen en eventueel op karton plakken of lamineren. Leg ze bijvoorbeeld op een stapel en pak dan steeds de bovenste. Of geef alle kinderen een doorvraagkaart en laat ze hun vinger opsteken als de vraag bij datgene wat gezegd werd past.

Wat zijn filosofische vragen?

Na de filosofische start mogen alle kinderen een (filosofische) vraag bedenken. Daar kies je of de klas dan de interessantste uit om het gesprek mee te beginnen.

Kenmerken filosofische vraag:

  • hét antwoord is niet in een boek, encyclopedie of op wikipedia te vinden
  • de volwassene weet het antwoord dus ook niet zeker (al denkt hij vaak van wel)
  • het gaat niet om je mening (Wat vind je van spruitjes?)
  • het gaat niet om wetenschappelijke kennis (Hoe ontstaat regen?)

Vaak is het zo dat bij een filosofische vraag niet meteen duidelijk is wat voor soort antwoord er moet komen. Er wordt niet gevraagd naar de werkelijkheid maar naar een mogelijkheid.

Vragen naar de werkelijkheid:

  1. Wanneer was de tweede wereldoorlog?
  2. Hoe komt het dat een bom ontploft?
  3. Wat is de hoofdstad van België?

Vragen naar een mogelijkheid:

  1. Maakt het uit waar je geboren wordt?
  2. Heeft alles een oorzaak?
  3. Mag je iets slechts doen om iets goeds te bereiken?

De eerste drie vragen gaan om feiten. Bij de laatste drie vragen moet je je eigen antwoord zoeken tussen vele mogelijkheden. Er is niet één waar antwoord. Het antwoord hangt onder andere af van je waarden, aannames en vooronderstellingen.

Waarover filosoferen?

Eigenlijk kan alles wat vragen oproept of verwarring en verwondering het begin van een filosofisch gesprek zijn. Denk aan een verhaal, een tekenopdracht, een filmpje, een foto of een schilderij. Als je een beetje thuis raakt in het filosoferen zal het steeds beter lukken om zelf ergens filosofische vragen en gesprekken in te zien. Maar in het begin is het fijn om er boeken ter inspiratie bij te hebben. Deze vind je in de webshop.

Sowieso een mooi moment om te filosoferen is na het voorlezen. Er zijn heel veel prentenboeken en verhalen die geschikt zijn als start van een filosofisch gesprek. Een voorbeeld van zo’n gesprek na het voorlezen vind je in het blog ‘Poes is niet dom’. Dit verhaal kun je gratis aanvragen via info@filosofiejuf.nl zodat je snel eens zelf kunt gaan filosoferen.

Verder vind je in de webshop enkele gratis lesbrieven waarmee je een begin kunt maken.

Share on Facebook2Pin on Pinterest8Tweet about this on Twitter0